Fophef

Ophef om niks, waarbij media buitensporig veel aandacht besteden aan een kwestie, op een manier die niet meer in verhouding staat tot de werkelijke omvang of relevantie ervan. (Eren wie eer toekomt: Ik las het in 'de domheid regeert' van Sander Schimmelpenninck. Het woord werd gelanceerd door mediacriticus Marieke Kuypers

Welke herstelwaarde of toegevoegde waarde heeft dit woord?
Het brengt nuance tussen polemiek (belangrijk voor de democratie om geschillen uit te vechten) en (f)ophef.

Wie/wat/welk moment ... belichaamt voor jou dit herstelwoord?
In talkshows, op sociale media, in veelgelezen kranten ...wordt 'opzettelijke onwetendheid, domheid' vaak onvoldoende afgeremd (algoritmes zijn gebaseerd op de principes van aandachtseconomie en heel wat en net eerder aangejaagd. Dat is jammer, want leugens die alsmaar herhaald worden zijn niet plots waar maar worden net door die herhaling vaak door velen als waar gepercipieerd. Hoe vaker je iets ziet, leest, hoort, hoe 'waarder' het wordt (Illusoire waarheidseffect).

Welke hoop/beterschap/innovatie verbind je aan dit woord?
Ik hoop hiermee een rem te zetten op de trend waarbij meningen te gemakkelijk verheven worden tot feiten. Ik hoop dat fophef ingeburgerd geraakt en dat artikels, sociale media post... een label 'fophef' kunnen toegewezen krijgen. Dat een algoritme niet langer gebaseerd wordt op de principes van de aandachteconomie (onder het mom van absolute vrije meningsuiting) maar op basis van moderatie, zeker op platformen waar de gebruikers zelf de content creëren. Fophef heeft als enige doel reactie uitlokken en dat mag aan banden gelegd worden